Maatwerk voor politiek

Raadsdebat in stijl .......

De gemeenteraad Delft kende na 3 maart 2010 19 nieuwkomers. Ook om die reden was het een goed idee om kennis met elkaar te maken. Het initiatief van Luuk van Luijk , raadsgriffier van Delft was om op 19 en 20 maart 2010 in Oegstgeest aan de hand van inhoudelijke presentaties nader kennis te maken met daarin ook alle gelegenheid en pauzemomenten om ook de mens achter het raadslid te ontdekken.

Het kennismakingsweekend eindigde met een ‘stijlvol' raadsdebat met als begeleider Henk Gossink, programmaleider lokaal bestuur van Publiek Domein. Aan het stijlvolle debat ging de stijlentest voor raadsleden vooraf. De respectievelijke stijlen ombudsman, partijpoliticus, bestuurder, coach en volger vormden per stijl één fractie. Dit leverde een interessante en bonte mix van a-partijpolitieke combinaties op, nu de fracties gebaseerd waren op de specifiek te onderscheiden raadsstijlen. Met de casus over de fictieve vraag of Delft een Olympisch dorp zou moeten bouwen in 2028, ging men van start. De onderliggende vraag was: ‘wanneer is een debat goed?'.

Gedurende het hele weekend - en zo ook in dit programmaonderdeel - bleek dat daar verschillend over wordt gedacht. Het nemen van een inhoudelijk goed besluit, iedereen aan bod laten komen, efficiënt vergaderen. Allemaal legitieme argumenten die - omdat ze voor de ene raadsstijl glashelder kunnen zijn en volledig niet of niet altijd helder zijn voor de andere raadsstijlen - kunnen leiden tot onduidelijkheid of zelfs ergernis. Meer inzicht in elkaars favoriete stijl van functioneren als raadslid blijkt verhelderend en zal kunnen leiden tot meer begrip én tot inzicht en werkafspraken hoe iedereen aan zijn of haar trekken kan komen.

Wat leverde de sessie nog meer op voor de Delftse raad? Dat er behoefte is aan meer focus in het debat, zeker als na een commissiebehandeling het debat in de raad nog eens dunnetjes wordt over gedaan. Ook werd de vraag gesteld of er voldoende ruimte was om je te laten overtuigen door anderen, of dat commissie- en raadsvergaderingen vooral worden gebruikt als een soort roeptoeter om de eigen partijstandpunten nog eens te herhalen. Of zoals de inleider het puntig samenvatte: hoeveel ruimte gun je jezelf om naar de ander te luisteren?

De sessie was een aantrekkelijke en goede eerste stap naar een gerestijlde debatcultuur. Wordt vervolgd...

Luuk van Luijk en Marjan Timmer